Memento Mori

Eindigheid zet puntjes op ons genieten



Ik zit buiten aan de tuintafel. Even uit de wind, de herfstzon op het gelaat.


Vandaag verbeter ik de reflectie-opdrachten van het postgraduaat Palliatieve zorg aan de Odisee Hogeschool. Wie deelneemt aan dit programma is al wat ouder en heeft beroepservaring, wat het lesgeven uitdagend maakt. Een verpleegkundige doet me glimlachen met haar 'down-to-earth' plan om tot meer geduld en meer geloof in groeikracht van mensen te komen.


Ze heeft het idee opgevat om een maand lang niet direct aan huishoudelijke taken te beginnen na haar shift. Ze wil na haar thuiskomst eerst 10 minuten vanop haar terras stil kijken naar wat er in de tuin veranderd is sedert de vorige dag. Haar lijst van observaties is indrukwekkend: nieuwe kleuren groen, vreemde kevers, bloemen die plots verwelkt waren, tot zelfs een oorbel die ze al een jaar kwijt was. Meer nog: ze stelt vast dat ze bij momenten de tijd uit het oog verliest en een ongekende innerlijke rust voelt. Haar huisgenoten bemerken dat ze minder gespannen is. Ze kan ook meer hebben op haar werk en vraagt zich af of ze deze oefening niet zou verlengen.


Ik leg haar papier neer en droom weg. Er komen beelden van mijn vader en de keren dat hij naar zijn groenten achterin de tuin ging kijken.

Ikzelf bemerkte (nog) niets, hij zag groei en potentie alom - zonder ook maar iets te doen of te interveniëren.

Associërend komen ook de klei-beelden van Alexandra Cool naar boven. Ik was deze zomer in de kruidtuin van Leuven, en zag daar haar merkwaardige installatie, getiteld 'In Paradisum'. Kwetsbare mensjes waren het, geboetseerd in ruwe klei en opgesteld in grote, glazen kijkkasten. Wie halt hield en toekeek, zag dat er bloemzaden in verstopt waren. Langzaam, met de tijd, ontkiemden deze en brachten de beelden tot leven. De klei kreeg voor even adem, hartslag en kleur, om dan weer te verdwijnen en met de aarde gelijk te worden.


"En wat maakt het uit?", stond er bij de uitgang van de zaal. Hadden deze wezens elkaar überhaupt gezien vanuit hun sociale afstand, elk onder hun eigen stolp? Wat verbond hen au fond, behalve de planten die uit hun rug groeiden?


Zullen ze het antwoord vinden, vooraleer ze zijn vergaan en niemand hen nog herinnert?

Terug naar de tuintafel. In mijn feedback naar de studente bedank ik voor haar eerlijkheid en originele tips. Ik verwijs haar met een smiley naar de Latijnse spreuk Memento mori, die zoveel betekent als: "Denk eraan dat ook jij zal sterven".


Deze spreuk was bon ton in de oudheid en de middeleeuwen (de tijd van oorlogen en pandemieën) en werd in de 17e eeuw nog gekozen als devies voor de levenswijze van de Trappisten. Deze monniken, die volgens hun stichtingsakte weinig of niet mogen praten, gebruikten lange tijd alleen deze twee woorden als begroeting (een beetje zoals de rastafari-jongeren die "Wag Wan" zeggen wanneer ze elkaar zien). Diezelfde trappisten groeven ook elke dag een stuk van hun eigen graf. Het klinkt voor ons aanvoelen luguber: stilstaan bij je eigen sterfelijkheid. Het druist in tegen onze cultuur van bemeesteren en ver vooruit plannen, maar is in werkelijkheid drager van een diepe levensfilosofie. "Kijk om je heen, naar de vergankelijkheid in de natuur en in je lichaam, en richt je leven naar het besef je er straks misschien niet meer bent".


Dit motto, dat we vandaag met zijn allen herontdekken, gaat dieper dan het gekende YOLO (you only live once ... so let's go party!). Het zegt iets over het leven bekijken in zijn volle breedte, en over verantwoord keuzes maken. De juiste, in het licht van de eindstreep.

Op de tuintafel wachten nog drie kopijen. Ik verzamel mijn goede wil en plichtsbewustzijn, en lees verder. Voor mezelf noteer ik een verrassend citaat van Steve Jobs, man met een fortuin van om en bij de 7 miljard die op de leeftijd van 56 jaar overleed aan alvleesklierkanker. Ik had het nog niet eerder gelezen. Bij gebrek aan papier, prijkt het nu vooraan in mijn agenda.

"Jezelf eraan herinneren en voor ogen houden dat je binnenkort dood gaat, is de beste manier die ik ken om niet in de val te trappen van denken dat je ook maar iets te verliezen hebt." (Steve Jobs)

Missie volbracht. Ik verdwijn met een grote pompoen in de keuken. Het wordt een ovenschotel met herfstgroenten, overgoten met tuinkruiden en honing. Vanavond kies ik voor gezin en gezelligheid. Én gedoseerd genieten.




In deze blog gaat het over grondhoudingen in de zorg die de 'latende modus van handelen' bevorderen, en ook over gedoseerde zelfzorg.


Wil je weten hoe deze grondhoudingen tot een dieper contact met je patiënten kunnen leiden, neem dan een kijkje op de pagina met opleidingen: "Over het opnemen van spirituele zorg. Geen kers op de taart, maar gist in het deeg"


Meer interesse in zelfzorg? We brengen lezingen over dit thema voor het brede publiek. Zie de pagina: Palliatieve zorg. 10 levenslessen in het omgaan met palliatieve patiënten".

194 keer bekeken0 reacties

Recente blogposts

Alles weergeven